Overige analyses
HTLV-1/2-antistoffen
Antistoffen tegen HTLV-1 en HTLV-2, virussen die een blijvende infectie geven; laten zien of je het virus draagt.
Alles over deze analyseWat meet dit
HTLV-1 en HTLV-2 (humaan T-cellymfotroop virus) zijn retrovirussen die bepaalde witte bloedcellen (T-cellen) infecteren en levenslang in het lichaam blijven. Ze worden overgedragen via seks, via bloed (gedeelde naalden, bloedtransfusie of transplantatie) en van moeder op kind, vooral via borstvoeding. Deze test meet antistoffen tegen beide virussen. Het is een screeningstest: een positieve uitslag moet met een tweede test worden bevestigd, die ook laat zien of het om HTLV-1 of HTLV-2 gaat.
- Een infectie (dragerschap) met HTLV-1 of HTLV-2, meestal zonder klachten
- Bij klachten: een mogelijke oorzaak van langzaam toenemende stijfheid en zwakte van de benen (HTLV-1-geassocieerde myelopathie, HAM/TSP) of van een ontsteking in het oog (uveïtis)
- Zelden: een vorm van bloedkanker (adult T-celleukemie/lymfoom, ATL) bij mensen met HTLV-1
Positief
Een positieve screeningstest betekent dat er mogelijk antistoffen tegen HTLV zijn; pas een bevestigingstest laat zien of er echt een infectie is en met welk type. Is de infectie bevestigd, dan blijft het virus levenslang in het lichaam; er is geen behandeling die het virus verwijdert. De meeste mensen met HTLV-1 krijgen nooit klachten: volgens de WHO krijgt 5 tot 10 procent een aandoening die bij het virus hoort, zoals HAM/TSP (een langzaam toenemende verlamming van de benen, levenslang risico ongeveer 2 procent), een oogontsteking of een huidontsteking. Zelden: na vele jaren ontstaat een vorm van bloedkanker (ATL); de WHO schat het levenslange risico daarop bij HTLV-1 op ongeveer 5 procent. HTLV-2 geeft veel minder vaak ziekte. Je kunt het virus doorgeven via seks, bloed en borstvoeding.
Negatief
Een negatieve uitslag betekent dat er geen antistoffen tegen HTLV-1 of HTLV-2 zijn gevonden; een infectie is dan onwaarschijnlijk. Kort na een besmetting zijn nog geen antistoffen aantoonbaar, zodat een test vlak na een risicocontact nog negatief kan zijn.
Bij een afwijkende uitslag
Bij een positieve uitslag volgt een bevestigingstest, meestal via een internist-infectioloog. Bij een bevestigde infectie verwijst de huisarts naar een internist-infectioloog voor uitleg en controle, en bij klachten van de benen naar een neuroloog; adviezen gaan over condoomgebruik, geen bloed of organen doneren en, voor moeders, het afraden van borstvoeding. HTLV is in Nederland niet meldingsplichtig.
Betrouwbaarheid
Volgens de WHO is er geen enkele test die op zichzelf een HTLV-infectie vaststelt. De diagnose berust op een antistoftest zoals deze, gevolgd door een bevestigingstest: een immunoblot of line-assay, of een PCR op virus-DNA in witte bloedcellen. Die bevestiging maakt ook onderscheid tussen HTLV-1 en HTLV-2. Bij mensen zonder risicofactoren is een positieve screeningstest relatief vaak niet te bevestigen.
Beperkingen
- Een positieve screeningstest moet altijd met een tweede test worden bevestigd; zonder bevestiging is het geen diagnose.
- De screeningstest maakt geen onderscheid tussen HTLV-1 en HTLV-2.
- Kort na een besmetting zijn nog geen antistoffen aantoonbaar.
- De uitslag zegt niet of iemand ooit klachten of een ziekte door het virus krijgt.
Hoe vaak komt dit voor
Wereldwijd leven naar schatting 5 tot 10 miljoen mensen met HTLV-1. Het virus komt veel voor in onder meer Japan, het Caribisch gebied, Zuid-Amerika, grote delen van Afrika en Iran, en is zeldzaam in de rest van Europa. In Nederland wordt het vooral gezien bij mensen die zelf, of van wie de moeder, afkomstig zijn uit zo'n gebied, zoals Suriname en de Caribische eilanden; betrouwbare cijfers voor Nederland ontbreken.
Voor wie is dit zinvol
Zinvol als jij, je moeder of een sekspartner afkomstig is uit een gebied waar HTLV-1 veel voorkomt, zeker bij een kinderwens of zwangerschap omdat het virus via borstvoeding kan worden overgedragen, en na het delen van naalden. Ook bij klachten die bij het virus kunnen passen, zoals langzaam toenemende stijfheid of zwakte van de benen of een onverklaarde oogontsteking. Bij mensen zonder zo'n achtergrond of risico is de kans op een infectie heel klein en is een positieve screeningstest vaker niet te bevestigen.
Nadelen en risico's
- Een bevestigde infectie is blijvend en niet te behandelen; dat kan veel onrust geven, ook al krijgen de meeste dragers nooit klachten.
- Een positieve screeningstest die later niet wordt bevestigd, kan onnodig ongerust maken.
Bronnen
Bespreek een afwijkende uitslag altijd met je huisarts. Bij een sterk afwijkende uitslag proberen wij je zo snel mogelijk te bereiken. Lees je uitslag ook zelf en neem bij twijfel contact op met je huisarts. Een test stelt geen diagnose. Lees meer over risico's en uitslagen