Lever en alvleesklier
Albumine
Het belangrijkste eiwit in het bloed, gemaakt door de lever; verlaagd bij ontsteking, ondervoeding, lever- of nierziekte.
Alles over deze analyseWat meet dit
Albumine is het meest voorkomende eiwit in het bloed en wordt gemaakt door de lever. Het houdt vocht in de bloedvaten en vervoert hormonen, calcium, vetzuren, bilirubine en veel medicijnen. De waarde daalt als de lever minder aanmaakt (leverziekte, ondervoeding), als het lichaam albumine verliest (via de nieren of de darm) of als er een ontsteking is: bij ziekte zet de lever de aanmaak tijdelijk op een lager pitje. Albumine wordt ook gebruikt om andere uitslagen te corrigeren, zoals calcium en de berekening van vrij testosteron.
- Verminderde eiwitaanmaak door de lever bij gevorderde leverziekte (cirrose)
- Eiwitverlies via de nieren (nefrotisch syndroom) of via de darm
- Ondervoeding en langdurige ontsteking of ziekte
- Uitdroging (dan is de waarde juist verhoogd)
Verhoogd
Een verhoogd albumine betekent vrijwel altijd dat het bloed is ingedikt: uitdroging door te weinig drinken, diarree, overgeven, koorts of zweten. Ook lang stuwen bij de bloedafname of staan vlak voor de afname geeft een iets hogere waarde. Het lichaam maakt geen overmaat aan albumine; een hoge waarde is dus geen ziekte van de lever of de nieren. Klachten die bij uitdroging horen: dorst, een droge mond, donkere urine, duizeligheid bij opstaan.
Verlaagd
Een verlaagd albumine heeft vaak een tijdelijke oorzaak: elke ontsteking of infectie verlaagt de aanmaak, en ook in de zwangerschap, bij langdurig liggen en op hogere leeftijd is de waarde lager. Een duidelijk of aanhoudend verlaagd albumine past bij ondervoeding (weinig eten, veel afvallen, chronische ziekte), bij een gevorderde leverziekte zoals cirrose, bij eiwitverlies via de nieren (dan zit er veel eiwit in de urine en ontstaat vocht in de benen en rond de ogen) of via de darm (bijvoorbeeld bij de ziekte van Crohn of coeliakie). Bij gezonde mensen zonder klachten is een fors verlaagd albumine ongewoon en wordt de meting herhaald.
Bij een afwijkende uitslag
Bij een verlaagd albumine kijkt de huisarts eerst naar ontsteking (CRP), voeding en gewicht en herhaalt de meting na herstel van een eventuele ziekte. Blijft de waarde laag, dan volgt onderzoek van de lever (ALAT, bilirubine, stolling) en van de nieren met een urinetest op eiwit, en zo nodig verwijzing naar de internist of een diëtist.
Betrouwbaarheid
Albumine is een onspecifieke waarde: veel verschillende situaties verlagen het, en een lage waarde wijst zelden op één bepaalde ziekte. Bij gezonde volwassenen is de uitslag vrijwel altijd normaal en voegt de test weinig toe. Als maat voor ondervoeding reageert albumine traag en wordt het sterk beïnvloed door ontsteking; de NVKC beschrijft de test vooral als hulpmiddel bij ziekenhuispatiënten en bij het beoordelen van lever en nieren.
Beperkingen
- Elke ontsteking of infectie, ook een verkoudheid, verlaagt albumine tijdelijk; prik niet tijdens ziekte.
- Uitdroging, lang stuwen bij de afname en staan vlak voor de afname verhogen de waarde; langdurig liggen verlaagt hem.
- Zwangerschap, de anticonceptiepil en hogere leeftijd geven lagere waarden.
- Meetmethoden verschillen per laboratorium; bij zeer lage waarden verschillen de uitslagen tussen methoden merkbaar.
Hoe vaak komt dit voor
Een verlaagd albumine bij gezonde volwassenen zonder klachten is zeldzaam. Bij ouderen, mensen met een chronische ziekte en ziekenhuispatiënten komt het veel voor, meestal door ondervoeding of ontsteking. Ernstig eiwitverlies via de nieren (nefrotisch syndroom) en levercirrose zijn in de huisartsenpraktijk zeldzaam.
Voor wie is dit zinvol
Zinvol bij onbedoeld gewichtsverlies of een vermoeden van ondervoeding, bij een bekende lever- of nierziekte om het beloop te volgen, bij vocht in de benen zonder duidelijke oorzaak en als hulpwaarde om calcium of vrij testosteron goed te kunnen beoordelen. Bij gezonde volwassenen zonder klachten voegt een losse albuminebepaling weinig toe.
Nadelen en risico's
- Een licht verlaagd albumine tijdens of kort na een infectie is normaal en kan zonder herhaalmeting tot onnodige ongerustheid leiden.
Bronnen
Bespreek een afwijkende uitslag altijd met je huisarts. Bij een sterk afwijkende uitslag proberen wij je zo snel mogelijk te bereiken. Lees je uitslag ook zelf en neem bij twijfel contact op met je huisarts. Een test stelt geen diagnose. Lees meer over risico's en uitslagen