Suiker en stofwisseling
Glucose
De bloedsuiker op het moment van prikken; nuchter gemeten is dit de test waarmee de huisarts diabetes vaststelt of uitsluit.
Alles over deze analyseWat meet dit
Glucose is de suiker die het lichaam uit voeding haalt en als brandstof gebruikt; insuline uit de alvleesklier zorgt dat de cellen de glucose opnemen. Werkt insuline niet goed of is er te weinig van, dan stijgt de bloedsuiker. De waarde wisselt de hele dag en stijgt na eten; daarom telt vooral de nuchtere waarde (minstens 8 uur niets gegeten of gedronken behalve water). Een niet-nuchtere waarde zegt alleen iets als die duidelijk te hoog is.
- Diabetes mellitus: nuchtere waarde van 7,0 mmol/l of hoger (veneus plasma), of niet-nuchter 11,1 mmol/l of hoger
- Gestoorde nuchtere glucose (6,1 tot 6,9 mmol/l): voorstadium met een grotere kans op diabetes en op hart- en vaatziekten
- Te lage bloedsuiker (hypoglykemie), vooral bij gebruik van insuline of sommige diabetesmedicijnen
Verhoogd
Een nuchtere glucose van 7,0 mmol/l of hoger past bij diabetes. Volgens de NHG-Standaard is de diagnose pas zeker bij twee nuchtere waarden van 7,0 of hoger op verschillende dagen, of bij één hoge waarde samen met klachten als veel dorst, veel plassen, afvallen of vermoeidheid. Een nuchtere waarde tussen 6,1 en 6,9 mmol/l heet een gestoorde nuchtere glucose: nog geen diabetes, wel een grotere kans erop. Een niet-nuchtere waarde is bij gezonde mensen meestal onder 7,8 mmol/l; pas boven 11,1 wijst die op diabetes. Een tijdelijk hoge waarde komt ook voor bij stress, koorts, een acute ziekte, na een maaltijd of door medicijnen zoals prednison. Diabetes type 2 geeft lange tijd geen klachten.
Verlaagd
Een lage glucose (onder ongeveer 3,5 tot 4 mmol/l) geeft klachten als trillen, zweten, honger, hartkloppingen en concentratieproblemen. Bij mensen zonder diabetes is een echte hypoglykemie zeldzaam: lang vasten, zware inspanning, veel alcohol, een leverziekte, een bijnier- of hypofyseprobleem of, zeer zelden, een insulineproducerend gezwel (insulinoom) kunnen de oorzaak zijn. Bij diabetes komt het door insuline of sommige tabletten. Een licht verlaagde nuchtere waarde zonder klachten is meestal normaal. Ook een buisje dat lang blijft staan voordat het laboratorium meet, kan een vals lage uitslag geven.
Voorbereiding
- Eet vanaf 8 uur voor de afname niets meer en drink alleen water. Prik het liefst 's ochtends voor het ontbijt.
Bij een afwijkende uitslag
Bij een verhoogde nuchtere waarde herhaalt de huisarts de meting nuchter in het laboratorium; bij een gestoorde nuchtere glucose meestal na 3 maanden en daarna jaarlijks, samen met het cardiovasculaire risicoprofiel. Bij twee waarden van 7,0 mmol/l of hoger wordt de diagnose diabetes gesteld en start de begeleiding in de huisartsenpraktijk.
Betrouwbaarheid
Nuchtere glucose in veneus bloed is volgens de NHG-Standaard Diabetes mellitus type 2 de test waarmee de huisarts diabetes opspoort en vaststelt; de grenswaarden (normaal onder 6,1; gestoord 6,1 tot 6,9; diabetes 7,0 mmol/l of hoger) volgen de criteria van de WHO. Eén verhoogde waarde is nog geen diagnose: die vraagt een tweede nuchtere meting op een andere dag. Een normale nuchtere waarde sluit een gestoorde glucosetolerantie (te hoge waarde na eten) niet uit; daarvoor is een aparte test nodig die in de praktijk zelden wordt gedaan. Een niet-nuchtere waarde is alleen bruikbaar als die duidelijk boven 11,1 mmol/l ligt.
Beperkingen
- Niet nuchter zijn is de belangrijkste verstoorder: eten, zoete dranken en koffie met suiker of melk in de 8 uur voor de afname verhogen de waarde; alleen water is toegestaan.
- Stress, koorts, infecties, een operatie, slecht slapen en medicijnen zoals corticosteroïden (prednison), sommige plaspillen en antipsychotica verhogen de bloedsuiker tijdelijk.
- Glucose in het buisje wordt door bloedcellen afgebroken als het bloed niet snel wordt verwerkt of geen remmer bevat; dat kan een vals lage uitslag geven. Vingerprikmeters hebben een meetfout van 10 tot 15 procent; een grenswaarde moet in het laboratorium worden bevestigd.
- De grenswaarden gelden voor veneus plasma; capillair bloed (vingerprik) heeft iets andere grenzen.
Hoe vaak komt dit voor
In 2024 waren ongeveer 1,2 miljoen mensen in Nederland bij de huisarts bekend met diabetes, van wie ruim 1,1 miljoen met type 2 (61 per 1000 inwoners; 67 per 1000 mannen en 56 per 1000 vrouwen). Het komt vooral op hogere leeftijd voor: boven de 85 jaar heeft ongeveer een kwart van de mannen en een vijfde van de vrouwen diabetes. Volgens de NHG-Standaard heeft ongeveer 30 procent van de 60-plussers een gestoorde nuchtere glucose of glucosetolerantie; minstens de helft van hen krijgt nooit diabetes.
Voor wie is dit zinvol
Volgens de NHG-Standaard zinvol bij klachten die bij diabetes passen (dorst, veel plassen, afvallen, terugkerende blaasontstekingen of schimmelinfecties, tintelingen) en als driejaarlijkse controle vanaf 45 jaar bij overgewicht (BMI 27 of hoger), diabetes type 2 bij ouders, broers of zussen, hoge bloeddruk, een verstoorde vetstofwisseling, (een verhoogd risico op) hart- en vaatziekten, of een Turkse, Marokkaanse, Surinaamse of Hindostaanse achtergrond (Hindostanen vanaf 35 jaar). Na zwangerschapsdiabetes: de eerste 5 jaar jaarlijks. Bij jonge, slanke mensen zonder klachten of familiegeschiedenis is de kans op een afwijkende uitslag klein. Meet nuchter; anders is de uitslag moeilijk te duiden.
Nadelen en risico's
- Een niet-nuchtere of eenmalig licht verhoogde waarde kan onnodig ongerust maken; andersom kan een normale nuchtere waarde een verhoogde bloedsuiker na maaltijden missen.
Bronnen
Bespreek een afwijkende uitslag altijd met je huisarts. Bij een sterk afwijkende uitslag proberen wij je zo snel mogelijk te bereiken. Lees je uitslag ook zelf en neem bij twijfel contact op met je huisarts. Een test stelt geen diagnose. Lees meer over risico's en uitslagen
