Infecties
Varicella-Zoster IgA
Een antistofklasse tegen het waterpokkenvirus waarvan de betekenis weinig is onderzocht; zegt niets over bescherming.
Alles over deze analyseWat meet dit
Het varicellazostervirus (VZV) veroorzaakt waterpokken en kan jaren later opnieuw actief worden als gordelroos. Naast IgM en IgG kan het afweersysteem ook IgA-antistoffen maken; die komen vooral voor op slijmvliezen en in lichaamsvocht. Deze bepaling meet IgA tegen het waterpokkenvirus in bloed. Anders dan bij IgM en IgG is de betekenis van IgA tegen dit virus weinig onderzocht.
- Contact van het afweersysteem met het waterpokkenvirus; welke situatie daar precies bij hoort, is met deze bepaling niet vast te stellen
Positief
Er zijn IgA-antistoffen tegen het waterpokkenvirus gevonden. Wat dat betekent, is niet goed te zeggen: de betekenis van deze uitslag is weinig onderzocht en er zijn geen afgesproken grenswaarden. IgA wordt soms in verband gebracht met het opnieuw actief worden van het virus, maar dat verband is niet goed genoeg vastgesteld om er conclusies aan te verbinden. Een positieve uitslag is geen bewijs voor een actieve infectie en geen maat voor bescherming; een PCR op blaasjesvocht toont het virus zelf aan, en IgG zegt iets over bescherming.
Negatief
Er zijn geen IgA-antistoffen tegen het waterpokkenvirus gevonden. Ook dat is niet goed te duiden: een negatieve uitslag sluit een infectie op dit moment niet uit en zegt niets over bescherming. Vrijwel iedereen in Nederland heeft het virus doorgemaakt, en de vraag of iemand beschermd is wordt beantwoord met IgG.
Bij een afwijkende uitslag
Een losse IgA-uitslag geeft geen aanleiding tot een vast vervolg. Bij klachten beoordeelt de huisarts het beeld en kan zo nodig een PCR of een IgG-bepaling volgen. Individuele gevallen van waterpokken en gordelroos zijn niet meldingsplichtig.
Betrouwbaarheid
De betekenis van IgA tegen het waterpokkenvirus is weinig onderzocht, en voor deze bepaling zijn geen afgesproken grenswaarden of bekende voorspellende waarden. Een actieve infectie is betrouwbaarder aan te tonen met een PCR op blaasjesvocht, en over bescherming zegt IgG meer. Een losse IgA-uitslag geeft daardoor op geen van beide vragen een duidelijk antwoord.
Beperkingen
- Er zijn geen algemeen aanvaarde afkapwaarden; testen en uitslagen verschillen sterk per laboratorium.
- De uitslag onderscheidt een doorgemaakte infectie, een opvlamming en een actieve infectie niet van elkaar.
- Over de vraag of iemand beschermd is tegen waterpokken zegt IgG meer dan IgA.
- Bij een verminderde afweer of na toediening van immunoglobulinen is de uitslag nog moeilijker te duiden.
Hoe vaak komt dit voor
In Nederland heeft ongeveer 95 op de 100 mensen antistoffen tegen het waterpokkenvirus; de meeste mensen maken waterpokken als kind door. Huisartsen registreerden in 2022 ongeveer 4 op de 1000 mensen met waterpokken, vooral jonge kinderen. Gordelroos ontstaat doordat het eigen virus later opnieuw actief wordt en komt vooral voor op hogere leeftijd en bij een verminderde afweer.
Voor wie is dit zinvol
Een losse IgA-uitslag zegt voor geen enkele groep veel, omdat de betekenis ervan weinig is onderzocht. Bij klachten die bij waterpokken of gordelroos passen, zeggen het beeld van de huid en zo nodig een PCR op blaasjesvocht meer. Bij een kinderwens, zwangerschap of werk met kwetsbare mensen gaat het om de vraag of er bescherming is, en daarover zegt IgG meer.
Nadelen en risico's
- Een afwijkende uitslag zonder richtlijn erachter kan leiden tot onnodige ongerustheid en tot vervolgonderzoek dat niets toevoegt.
- De uitslag kan ten onrechte worden gelezen als bewijs voor een actieve of terugkerende infectie.
Bronnen
Bespreek een afwijkende uitslag altijd met je huisarts. Bij een sterk afwijkende uitslag proberen wij je zo snel mogelijk te bereiken. Lees je uitslag ook zelf en neem bij twijfel contact op met je huisarts. Een test stelt geen diagnose. Lees meer over risico's en uitslagen