Infecties
Varicella zoster virus IgM
Antistoffen die kunnen wijzen op een recente infectie met het waterpokkenvirus; als losse test weinig betrouwbaar.
Alles over deze analyseWat meet dit
Het varicellazostervirus (VZV) veroorzaakt waterpokken en kan jaren later opnieuw actief worden als gordelroos. Bij een eerste infectie maakt het afweersysteem eerst IgM-antistoffen (afweereiwitten), die na enkele weken tot maanden weer verdwijnen; daarna blijven IgG-antistoffen levenslang aanwezig. IgM wordt daarom gebruikt als mogelijke aanwijzing voor een recente infectie. Voor de vraag of iemand beschermd is, wordt IgG bepaald, niet IgM.
- Een mogelijk recente eerste infectie met het waterpokkenvirus
Positief
Er zijn IgM-antistoffen gevonden. Dat kan passen bij een recente infectie met het waterpokkenvirus, maar de uitslag is op zichzelf weinig betrouwbaar. IgM kan ook opkomen als het virus opnieuw actief wordt, bijvoorbeeld bij gordelroos, en onterecht positieve uitslagen komen voor, onder meer door een infectie met een ander virus. Bij waterpokken en gordelroos zegt het beeld van de huid meestal meer dan deze uitslag; bij twijfel toont een PCR op vocht uit een blaasje het virus zelf aan.
Negatief
Er zijn geen IgM-antistoffen gevonden. Dat maakt een recente eerste infectie minder waarschijnlijk, maar sluit die niet uit: heel vroeg in de ziekte kan IgM nog ontbreken, en niet iedereen maakt aantoonbaar IgM aan. Een negatieve IgM zegt niets over bescherming; daarvoor is IgG de bepaling. Bij blaasjes die op waterpokken of gordelroos lijken, blijft het beeld van de huid en zo nodig een PCR doorslaggevend.
Bij een afwijkende uitslag
Bij twijfel over de diagnose wordt de uitslag samen met IgG beoordeeld en kan een PCR op vocht uit een blaasje volgen. Bij een zwangere zonder aantoonbare bescherming die contact had met waterpokken of gordelroos kunnen via verloskundige, huisarts of ziekenhuis binnen 10 dagen antistoffen worden gegeven. Individuele gevallen van waterpokken en gordelroos zijn niet meldingsplichtig.
Betrouwbaarheid
Volgens de LCI-richtlijn Waterpokken is IgM weinig betrouwbaar om een actuele infectie aan te tonen. Het beeld van de huid is meestal kenmerkend; een PCR op blaasjesvocht toont het virus zelf aan en is betrouwbaarder dan IgM, ook bij mensen met een verminderde afweer. Voor de vraag of iemand beschermd is tegen waterpokken, bijvoorbeeld rond een zwangerschap, wordt IgG bepaald. Een losse IgM-uitslag bij iemand zonder klachten is niet goed te duiden.
Beperkingen
- IgM kan ook positief worden als het virus opnieuw actief wordt, zoals bij gordelroos, en zegt dan niets over een eerste infectie.
- Onterecht positieve uitslagen komen voor, onder meer bij een infectie met een ander virus.
- Heel vroeg in de ziekte kan IgM nog negatief zijn, en niet iedereen maakt aantoonbaar IgM aan.
- Testmethoden en afkapwaarden verschillen per laboratorium.
Hoe vaak komt dit voor
In Nederland heeft ongeveer 95 op de 100 mensen antistoffen tegen het waterpokkenvirus; de meeste mensen maken waterpokken als kind door. Huisartsen registreerden in 2022 ongeveer 4 op de 1000 mensen met waterpokken, vooral jonge kinderen. Gordelroos ontstaat doordat het eigen virus later opnieuw actief wordt en komt vooral voor op hogere leeftijd en bij een verminderde afweer.
Voor wie is dit zinvol
De uitslag zegt het meest bij klachten of huidafwijkingen die bij waterpokken passen en waarbij het beeld niet duidelijk is, en dan meestal samen met IgG en een PCR. Voor de vraag of iemand beschermd is, bijvoorbeeld bij een kinderwens, zwangerschap of werk met kwetsbare mensen, is IgG de bepaling en niet IgM. Bij mensen zonder klachten is een losse IgM-uitslag niet goed te duiden.
Nadelen en risico's
- Een onterecht positieve IgM kan klachten ten onrechte aan het waterpokkenvirus toeschrijven, waardoor een andere oorzaak later wordt gevonden.
- Een IgM-uitslag wordt gemakkelijk verward met een uitslag over bescherming; alleen IgG zegt iets over immuniteit.
Bronnen
Bespreek een afwijkende uitslag altijd met je huisarts. Bij een sterk afwijkende uitslag proberen wij je zo snel mogelijk te bereiken. Lees je uitslag ook zelf en neem bij twijfel contact op met je huisarts. Een test stelt geen diagnose. Lees meer over risico's en uitslagen