Infecties
Borrelia Blot IgM
Bevestigingstest op IgM-antistoffen tegen de lymebacterie, bedoeld na een positieve screeningstest bij passende klachten.
Alles over deze analyseWat meet dit
De ziekte van Lyme komt door de Borrelia-bacterie, die via een tekenbeet in het lichaam komt. Bij een immunoblot staan losse eiwitten van die bacterie op een strip, zodat het laboratorium kan zien tegen welke eiwitten de antistoffen in je bloed reageren. IgM-antistoffen maakt het lichaam als eerste, meestal pas enkele weken na de besmetting. Volgens de CBO-richtlijn Lymeziekte is de immunoblot een bevestigingstest: hij is bedoeld voor bloed waarin een screeningstest op Borrelia-antistoffen (EIA) positief of twijfelachtig was. Die screening is een aparte test.
- Ondersteuning van de diagnose vroege lymeziekte, bij klachten die kort bestaan en na een positieve of twijfelachtige screeningstest
Positief
Een positieve IgM-blot kan passen bij een recente Borrelia-infectie, maar bewijst geen actieve ziekte: antistoffen tonen de reactie van je afweer aan, niet of de bacterie nu actief is. IgM-tests geven relatief vaak fout-positieve uitslagen, bijvoorbeeld door reumafactor, een recente infectie met het epstein-barrvirus (ziekte van Pfeiffer) of cytomegalovirus, syfilis of een auto-immuunziekte. IgM-antistoffen kunnen bovendien maanden tot jaren aanwezig blijven na een eerdere of behandelde infectie. Volgens de LCI is een positieve IgM zonder IgG bij klachten die al langer dan enkele maanden bestaan vaak fout-positief. De uitslag telt alleen mee samen met klachten die bij lymeziekte passen.
Negatief
Een negatieve IgM-blot betekent dat er geen duidelijke IgM-antistoffen zijn gevonden. In de eerste weken na een besmetting heeft het lichaam vaak nog geen antistoffen gemaakt; bij kort bestaande klachten sluit een negatieve uitslag lymeziekte dus niet uit, en adviseert de richtlijn de test na enkele weken te herhalen. Bij klachten die al langer dan 8 weken bestaan is IgM minder belangrijk: dan zijn bij lymeziekte vrijwel altijd IgG-antistoffen aantoonbaar. Een negatieve blot na een positieve screeningstest maakt lymeziekte onwaarschijnlijk, maar sluit een heel vroege infectie niet helemaal uit.
Bij een afwijkende uitslag
Bij een positieve uitslag en passende klachten beoordeelt de huisarts, zo nodig in overleg met een arts-microbioloog, of behandeling met antibiotica nodig is; bij klachten van zenuwen, gewrichten of hart volgt meestal verwijzing naar het ziekenhuis. Bij kort bestaande klachten en een negatieve uitslag kan het onderzoek na enkele weken worden herhaald. Lymeziekte is in Nederland niet meldingsplichtig.
Betrouwbaarheid
Volgens de CBO-richtlijn Lymeziekte begint serologisch onderzoek met een screeningstest (EIA); alleen een positieve of twijfelachtige uitslag wordt met een immunoblot bevestigd. Na een negatieve screeningstest is de betekenis van een immunoblot nooit systematisch onderzocht. Bij een typische erythema migrans, de rode vlek of ring die groter wordt na een tekenbeet, zegt bloedonderzoek weinig: de diagnose wordt op het oog gesteld en de antistoftest is dan bij ongeveer de helft van de mensen nog negatief. De aanwezigheid van antistoffen is op zichzelf geen bewijs voor een actieve infectie.
Beperkingen
- In de eerste weken na besmetting zijn nog geen antistoffen aantoonbaar (vensterperiode).
- IgM-tests reageren soms fout-positief door reumafactor, een acute epstein-barrvirus- of cytomegalovirusinfectie, syfilis of auto-immuunziekten.
- IgM-antistoffen kunnen na een infectie of na behandeling nog lang, soms jaren, aanwezig blijven.
- Antibiotica vroeg in de infectie kunnen voorkomen dat er antistoffen ontstaan, waardoor de test negatief blijft.
Hoe vaak komt dit voor
In Nederland lopen mensen samen ongeveer 1,5 miljoen tekenbeten per jaar op en krijgen ongeveer 27.000 mensen per jaar de ziekte van Lyme, meestal alleen met een rode vlek of ring. Ongeveer 1.500 mensen per jaar krijgen klachten van gewrichten, huid, zenuwen of, zelden, het hart. Ongeveer 5 tot 10 op de 100 gezonde Nederlanders hebben antistoffen tegen Borrelia zonder actieve ziekte; bij mensen die veel buiten werken, zoals boswachters, is dat vaker.
Voor wie is dit zinvol
Volgens de CBO-richtlijn bedoeld als bevestiging na een positieve of twijfelachtige screening op Borrelia-antistoffen (een aparte test), bij klachten die bij lymeziekte passen: uitstralende zenuwpijn, een verlamming van één helft van het gezicht, een dikke knie of hartklachten na mogelijk contact met teken. Niet zinvol bij een typische rode vlek of ring (dan stelt de huisarts de diagnose zonder bloedonderzoek), na een tekenbeet zonder klachten, en bij langdurige vage klachten zoals vermoeidheid zonder aanwijzingen voor lymeziekte; de kans op een fout-positieve uitslag is dan groter dan de kans op een terechte. Ook om te controleren of een behandeling gewerkt heeft is de test niet geschikt.
Nadelen en risico's
- Een fout-positieve IgM-uitslag kan leiden tot de onterechte diagnose lymeziekte en onnodig antibioticagebruik, terwijl een andere oorzaak van de klachten onopgemerkt blijft.
- De blot is bedoeld als bevestiging na een positieve screening op Borrelia-antistoffen; zonder zo'n screening is de betekenis van een positieve blot niet goed onderzocht.
Bronnen
Bespreek een afwijkende uitslag altijd met je huisarts. Bij een sterk afwijkende uitslag proberen wij je zo snel mogelijk te bereiken. Lees je uitslag ook zelf en neem bij twijfel contact op met je huisarts. Een test stelt geen diagnose. Lees meer over risico's en uitslagen