
Urine
Oestrogeenmetabolieten
Onderzoek naar de vijf oestrogeenmetabolieten en hun relatieve sterktes
€ 285,00
Jouw privacy
Noodzakelijke cookies laten de website werken.
Met jouw toestemming gebruiken we aanvullende cookies voor:
Met 5 dienstverleners kunnen we bezochte pagina’s, interacties en apparaatgegevens delen.
Gehashte contactgegevens alleen met marketingtoestemming.
Je kunt dit later wijzigen via Cookievoorkeuren onderaan elke pagina.
Meer informatie staat in ons privacybeleid.
Hormonen · Urine
Verder afgebroken vorm van 2OH-oestron; wordt vooral in wetenschappelijk onderzoek gemeten.
In het kort
2-methoxy-oestron
Uitleg
2-methoxy-oestron ontstaat als het enzym COMT een methylgroep aan 2OH-oestron koppelt (methylering). Het is een eindproduct van de afbraak dat met de urine het lichaam verlaat. De verhouding tussen 2-methoxy-oestron en 2OH-oestron wordt soms gepresenteerd als maat voor 'methylering', maar dat is niet gevalideerd; de verhouding hangt ook af van erfelijke verschillen in COMT, voeding en medicijnen.
Uitslag
Een verhoogde waarde betekent meestal dat er meer oestrogeen was om af te breken, bijvoorbeeld rond de eisprong of in de tweede helft van de cyclus, in de zwangerschap, bij overgewicht (vetweefsel maakt oestron) of bij gebruik van hormonen zoals hormoontherapie in de overgang. Ook voeding, zoals veel koolsoorten, alcohol en medicijnen kunnen de verhouding tussen de afbraakroutes veranderen. Een hoge waarde of een bepaalde verhouding is geen diagnose en zegt niet dat de afbraak 'gezond' of 'ongezond' is.
Een lage waarde betekent meestal dat er weinig oestrogeen was, zoals na de overgang, bij mannen, tijdens de menstruatie of vroeg in de cyclus, bij gebruik van de anticonceptiepil (die de eigen aanmaak remt), of bij veel sporten of weinig eten. Ook verdunde urine geeft lagere waarden. Een lage waarde van één afbraakproduct betekent niet dat een afbraakroute 'niet goed werkt'.
Een afwijkende uitslag is geen reden voor vervolgonderzoek of behandeling, omdat er geen afkapwaarden zijn en de betekenis niet vaststaat. Bij klachten zoals een onregelmatige of uitblijvende menstruatie of overgangsklachten beoordeelt de huisarts de klachten zelf en laat zo nodig hormonen in bloed bepalen.
Betrouwbaarheid
De bepaling is niet gevalideerd voor klinische beslissingen: er bestaan geen afkapwaarden waarbij een arts iets anders doet. De metingen worden vooral in wetenschappelijk onderzoek gebruikt. Verschillende meetmethoden geven voor dezelfde urine duidelijk verschillende uitslagen, vooral bij lage hoeveelheden zoals na de overgang en bij mannen; uitslagen van verschillende laboratoria zijn daardoor niet te vergelijken. Bij klachten zeggen hormoonwaarden in bloed, zoals oestradiol en FSH, meer over de hormoonhuishouding.
Voor wie
Er is geen groep bij wie de uitslag aantoonbaar iets zegt over gezondheid of ziekte. Niet zinvol om hormoonklachten, menstruatieklachten, overgangsklachten of gezondheidsrisico's te beoordelen, of om daar supplementen, een dieet of hormonen op te kiezen, omdat er geen afkapwaarden zijn en de waarden sterk wisselen. Bij klachten van de cyclus of de overgang beoordeelt de huisarts de klachten en laat zo nodig hormonen in bloed bepalen.
Er is geen aandoening die met deze test wordt vastgesteld, en daarom is er geen cijfer over hoe vaak een afwijkende uitslag iets betekent.
Onderbouwing
Deze uitleg is gebaseerd op Nederlandse richtlijnen en onafhankelijke informatie. Het is algemene informatie en geen diagnose. Bespreek een afwijkende uitslag met je huisarts.
Meer over risico's en uitslagen