
Bloedafname
Lood
Lood in bloed; blootstelling.
€ 60,00
Jouw privacy
Noodzakelijke cookies laten de website werken.
Met jouw toestemming gebruiken we aanvullende cookies voor:
Met 5 dienstverleners kunnen we bezochte pagina’s, interacties en apparaatgegevens delen.
Gehashte contactgegevens alleen met marketingtoestemming.
Je kunt dit later wijzigen via Cookievoorkeuren onderaan elke pagina.
Meer informatie staat in ons privacybeleid.
Metalen, gifstoffen en medicijnen · Bloed
De hoeveelheid lood in je bloed; een maat voor blootstelling aan lood via water, werk, hobby of omgeving.
In het kort
Uitleg
Deze test meet hoeveel lood er in je bloed zit, in microgram per liter. Lood is een zwaar metaal dat overal in kleine hoeveelheden in het milieu voorkomt en dat giftig is voor het lichaam. Van het lood dat je binnenkrijgt via eten of drinken neemt een volwassene ongeveer een tiende deel op, een kind tot 6 jaar veel meer. Het opgenomen lood verdeelt zich over het bloed, de organen en vooral het bot, waar het jarenlang kan blijven zitten en later langzaam weer vrijkomt.
Uitslag
Een verhoogde waarde betekent dat je recent of langdurig aan lood bent blootgesteld. Voor kinderen en zwangere vrouwen gelden strengere grenzen dan voor andere volwassenen. Hoe hoger de waarde, hoe belangrijker het is de bron van de blootstelling weg te nemen; bij een sterk verhoogde waarde is met spoed behandeling nodig. Klachten die bij een hoge loodbelasting kunnen horen zijn moeheid, hoofdpijn, buikpijn, misselijkheid, gewichtsverlies en bloedarmoede; bij jonge kinderen gaat het vooral om effecten op de ontwikkeling. Veelvoorkomende bronnen zijn loden waterleidingen in gebouwen van vóór 1960, werk met accu's, sloop of oude verf, en hobby's zoals glas-in-lood, schieten of het gieten van loden voorwerpen.
Bijna iedereen heeft een kleine hoeveelheid lood in het bloed; dat komt vooral via de voeding. Een lage waarde betekent dat de blootstelling nu klein is. Volgens het RIVM en de EFSA is er geen waarde aan te geven waaronder lood zeker geen effect heeft, maar bij de blootstelling zoals die in Nederland gemiddeld is, wordt het risico voor volwassenen laag tot verwaarloosbaar geacht. Een lage waarde in het bloed sluit niet uit dat er nog lood in het bot zit uit een eerdere periode met hoge blootstelling.
Bij een verhoogde waarde gaat het er vooral om de bron te vinden en weg te nemen, bijvoorbeeld het vervangen van loden leidingen of aanpassingen op het werk. De huisarts kan de meting herhalen met bloed uit een ader en zo nodig overleggen met de bedrijfsarts of met de afdeling medische milieukunde van de GGD. Bij zeer hoge waarden volgt verwijzing naar een internist, omdat dan behandeling met medicijnen die lood binden nodig kan zijn.
Betrouwbaarheid
Lood in bloed is de gebruikelijke maat voor blootstelling en is goed te meten, maar het is een momentopname: de waarde volgt vooral de blootstelling van de afgelopen weken tot maanden. Lood dat in het bot is opgeslagen, wordt er niet mee gemeten. Volgens de NVKC moet een verhoogde uitslag uit een vingerprik altijd worden herhaald met bloed uit een ader, omdat lood van de huid in het monster terecht kan komen. Bij een vermoeden van loodvergiftiging wordt soms ook zinkprotoporfyrine bepaald, omdat lood de aanmaak van hemoglobine verstoort.
Voor wie
Zinvol als je vermoedt dat je meer lood binnenkrijgt dan gemiddeld: bij loden waterleidingen in een oud huis, bij werk met lood of bij een hobby waarbij lood vrijkomt, en bij klachten die bij een hoge loodbelasting passen. Ook zinvol voor risicogroepen in zo'n situatie: jonge kinderen en zwangere vrouwen zijn het gevoeligst. Zonder aanwijzing voor blootstelling levert meten weinig op, omdat vrijwel iedereen een lage, normale waarde heeft.
De blootstelling aan lood is in Nederland sterk gedaald sinds lood uit benzine en verf verdween en loden waterleidingen werden vervangen. Bij kinderen zijn de loodwaarden in bloed sinds 1979 meer dan gehalveerd; in een onderzoek onder 250 Rotterdamse kinderen was de mediane waarde 18 microgram per liter, met uitschieters tot 103. In gebouwen van vóór 1960 kunnen nog loden leidingen zitten, waardoor het loodgehalte in het kraanwater boven de norm van 5 microgram per liter kan komen.
RIVM (GGD-informatieblad lood in drinkwater) en RIVM-pagina Loden leidingen
Laten testen
Lood zit in deze onderzoeken. Je bestelt online en laat het bloed afnemen op een priklocatie of neemt het monster thuis af.
Onderbouwing
Deze uitleg is gebaseerd op Nederlandse richtlijnen en onafhankelijke informatie. Het is algemene informatie en geen diagnose. Bespreek een afwijkende uitslag met je huisarts.
Meer over risico's en uitslagenMeer uitleg