Metalen, gifstoffen en medicijnen
Lithium
De lithiumspiegel controleert de dosering bij mensen die lithium gebruiken als medicijn; het is geen preventief onderzoek.
Alles over deze analyseWat meet dit
De analyse meet hoeveel lithium er in je bloed zit. Lithium is een medicijn dat vooral wordt gebruikt bij een bipolaire stoornis, en soms als versterking bij een depressie. Het lichaam maakt zelf geen lithium aan: normaal komt lithium niet in het bloed voor. De nieren voeren lithium af, dus de spiegel hangt sterk af van de nierfunctie en van de vocht- en zoutbalans.
- Of de dosering lithium in het juiste gebied ligt bij iemand die dit medicijn gebruikt
- Een te hoge spiegel, die kan wijzen op een dreigende lithiumvergiftiging
- Een te lage spiegel, waarbij het medicijn onvoldoende werkt
Verhoogd
Een te hoge spiegel betekent dat er meer lithium in het bloed zit dan de behandelaar wil. Volgens het Farmacotherapeutisch Kompas wordt gedoseerd op een spiegel die per situatie verschilt, met een bovengrens van 1,5 mmol/l; de NVKC noemt een waarde boven 1,5 mmol, gemeten 12 uur na inname, als aanwijzing voor een vergroot risico op een lithiumvergiftiging. Vroege verschijnselen daarvan zijn sufheid, trillen, spierzwakte, onduidelijk spreken, misselijkheid en onvast lopen. Uitdroging, koorts, braken, diarree, een zoutarm dieet en bepaalde medicijnen zoals plaspillen en ontstekingsremmers kunnen de spiegel snel laten stijgen.
Verlaagd
Een lage spiegel betekent meestal dat de dosering te laag is, dat een dosis is gemist of dat de opname of afbraak anders verloopt dan verwacht. Volgens het Farmacotherapeutisch Kompas wordt bij een te lage spiegel het gewenste effect niet bereikt. Bij iemand die geen lithium gebruikt is er normaal geen lithium in het bloed aantoonbaar; een lage of onmeetbare waarde is dan verwacht en betekent geen tekort.
Voorbereiding
- Laat je bloed ongeveer 12 uur na je laatste lithiumdosis afnemen.
- Neem je ochtenddosis pas na de afname.
Bij een afwijkende uitslag
De behandelaar past op geleide van de spiegel de dosering aan en herhaalt de meting. Bij een te hoge spiegel met verschijnselen van een vergiftiging is directe beoordeling door een arts nodig.
Betrouwbaarheid
Lithium heeft een smalle therapeutische breedte: het verschil tussen een werkzame en een te hoge spiegel is klein. Daarom is de meting alleen te duiden als het afnametijdstip klopt. Het Farmacotherapeutisch Kompas schrijft voor de spiegel altijd 12 uur na de laatste dosis te meten; wordt er eerder of later geprikt, dan is de uitslag niet bruikbaar. De spiegel hoort bij de behandeling van iemand die lithium gebruikt en zegt niets over iemand die het middel niet gebruikt.
Beperkingen
- Het afnametijdstip is bepalend: alleen een meting 12 uur na de laatste dosis is te vergelijken met de gebruikte streefwaarden.
- Uitdroging, koorts, braken, diarree en een zoutarm dieet verhogen de spiegel.
- Plaspillen, ontstekingsremmers (NSAID's) en sommige bloeddrukmedicijnen kunnen de spiegel verhogen.
- Een verminderde nierfunctie vertraagt de afvoer van lithium en verhoogt de spiegel.
Hoe vaak komt dit voor
Een bipolaire stoornis komt bij ongeveer 1 op de 100 mensen voor. Lithium is daarbij een van de middelen die langdurig worden gebruikt. Alleen mensen die dit medicijn gebruiken hebben een lithiumspiegel.
Voor wie is dit zinvol
Dit is geen preventief onderzoek. De bepaling is bedoeld voor mensen die lithium gebruiken; de behandelaar vraagt de spiegel aan en beoordeelt hem, samen met de nierfunctie en de schildklierfunctie. Na het instellen wordt de spiegel volgens het Farmacotherapeutisch Kompas ten minste elke 3 tot 6 maanden gecontroleerd, en extra bij ziekte, bij verandering van dosering of bij nieuwe medicijnen. Voor mensen die geen lithium gebruiken heeft de meting geen betekenis.
Nadelen en risico's
- Een meting op een ander tijdstip dan 12 uur na inname geeft een uitslag die niet te duiden is en kan tot een verkeerde dosisaanpassing leiden.
- Een spiegelmeting buiten de behandelrelatie om, zonder gegevens over nierfunctie, dosering en tijdstip, geeft de behandelaar geen bruikbare informatie.
Bronnen
Bespreek een afwijkende uitslag altijd met je huisarts. Bij een sterk afwijkende uitslag proberen wij je zo snel mogelijk te bereiken. Lees je uitslag ook zelf en neem bij twijfel contact op met je huisarts. Een test stelt geen diagnose. Lees meer over risico's en uitslagen