
Bloedafname
Voedselallergiescreening FX5
Screening op zes voedingsallergenen: kippeneiwit, koemelk, kabeljauw, tarwe, pinda en soja. Eén gezamenlijke uitslag voor het mengsel.
€ 44,00
Jouw privacy
Noodzakelijke cookies laten de website werken.
Met jouw toestemming gebruiken we aanvullende cookies voor:
Met 5 dienstverleners kunnen we bezochte pagina’s, interacties en apparaatgegevens delen.
Gehashte contactgegevens alleen met marketingtoestemming.
Je kunt dit later wijzigen via Cookievoorkeuren onderaan elke pagina.
Meer informatie staat in ons privacybeleid.
Allergie en intolerantie · Bloed
Antistoffen tegen ei-eiwit; laat zien of het afweersysteem gevoelig is voor kippenei, niet of je er klachten van krijgt.
In het kort
IgE antilichamen kippenei
Uitleg
Deze test meet in het bloed de hoeveelheid IgE-antistoffen tegen de eiwitten uit kippenei. IgE is het type antistof dat bij een allergische reactie mestcellen aanzet tot het afgeven van histamine. Het lichaam maakt zulke antistoffen pas nadat het eerder met het allergeen in contact is geweest; dat heet sensibilisatie. De uitslag is een getal in kU/l; het laboratorium geeft aan vanaf welke waarde de uitslag als positief geldt.
Uitslag
Een waarde boven de afkapgrens betekent dat je IgE-antistoffen tegen kippenei hebt: sensibilisatie. Dat is niet hetzelfde als een allergie. Ei-allergie komt vooral bij jonge kinderen voor en gaat meestal weer over: op vierjarige leeftijd zijn de meeste kinderen eroverheen gegroeid. De IgE-uitslag blijft vaak nog lange tijd positief terwijl het kind ei alweer verdraagt; daarom is de uitslag alleen samen met de klachten of een voedselprovocatie goed te beoordelen. Het maakt ook verschil of ei rauw of goed verhit wordt gegeten: wie gekookt ei verdraagt, kan toch op rauw ei reageren. De hoogte van de uitslag zegt volgens de NVKC niets over hoe ernstig een reactie zou verlopen, al hoort een duidelijk hogere waarde wel bij een grotere kans dat er echt een allergie is.
Een waarde onder de afkapgrens betekent dat er geen IgE-antistoffen tegen kippenei zijn gevonden. Een allergie voor kippenei die via IgE loopt, is dan een stuk minder waarschijnlijk. Volgens de FMS-richtlijn is bij een negatieve uitslag de kans op een ei-allergie via IgE verwaarloosbaar klein in groepen die daarop onderzocht zijn. Klachten na het eten kunnen ook een andere oorzaak hebben, bijvoorbeeld een intolerantie of een darmaandoening.
De huisarts kijkt vooral naar het verhaal: welke klachten, hoe snel na het eten en hoe vaak. Vaak volgt een voedingsdagboek en het tijdelijk weglaten en daarna weer invoeren van het verdachte voedingsmiddel. Bij een vermoeden van een echte allergie of bij een ernstige reactie volgt verwijzing naar een allergoloog of kinderarts, waar zo nodig een voedselprovocatie wordt gedaan; die test is volgens de FMS-richtlijn de gouden standaard.
Betrouwbaarheid
Een positieve IgE-uitslag toont sensibilisatie aan, geen allergie: het betekent alleen dat er antistoffen zijn, niet dat je klachten krijgt van kippenei. De gepoolde specificiteit van de IgE-bepaling voor kippenei is in de FMS-richtlijn 49 procent: ongeveer de helft van de onderzochte mensen zonder ei-allergie heeft toch een positieve uitslag. Omdat een positieve uitslag ook bij mensen zonder allergie voorkomt, kan de uitslag los van de klachten verwarring geven. De uitslag is alleen te duiden samen met het verhaal over de klachten, en bij twijfel met een voedselprovocatie in het ziekenhuis.
Voor wie
De uitslag zegt het meest als er een duidelijke reactie is geweest kort na het eten van kippenei, als aanvulling op het gesprek met de arts. Bij mensen die kippenei gewoon eten en daar nooit een acute reactie op hebben gehad, zegt een positieve uitslag niet dat je allergisch bent en kan die leiden tot onnodig vermijden van ei. Bij vage klachten zoals buikpijn, moeheid of eczeem zonder duidelijk verband met een maaltijd voegt de test weinig toe. Bij baby's en jonge kinderen loopt het onderzoek bij voorkeur via de huisarts, het consultatiebureau of de kinderarts.
Allergie voor kippenei komt voor bij ongeveer 2 op de 100 jonge kinderen. Op vierjarige leeftijd is die bij de meesten verdwenen; minder dan 1 op de 100 volwassenen blijft allergisch voor ei. Voedselallergie in het algemeen komt volgens de FMS-richtlijn bij 2 tot 3 op de 100 kinderen van 0 tot en met 4 jaar voor.
Stichting Voedselallergie en FMS-richtlijn Voedselprovocatie
Laten testen
IgE antilichamen kippenei zit in deze onderzoeken. Je bestelt online en laat het bloed afnemen op een priklocatie of neemt het monster thuis af.
Onderbouwing
Deze uitleg is gebaseerd op Nederlandse richtlijnen en onafhankelijke informatie. Het is algemene informatie en geen diagnose. Bespreek een afwijkende uitslag met je huisarts.
Meer over risico's en uitslagenMeer uitleg