
Bloedafname
Carnitine differentiatie
Carnitinefractieprofiel; vetzuurmetabolisme.
€ 116,00
Jouw privacy
Noodzakelijke cookies laten de website werken.
Met jouw toestemming gebruiken we aanvullende cookies voor:
Met 5 dienstverleners kunnen we bezochte pagina’s, interacties en apparaatgegevens delen.
Gehashte contactgegevens alleen met marketingtoestemming.
Je kunt dit later wijzigen via Cookievoorkeuren onderaan elke pagina.
Meer informatie staat in ons privacybeleid.
Vitaminen, mineralen en aminozuren · Bloed
Berekende verhouding tussen gebonden en vrij carnitine; een hint of er relatief veel carnitine bezet is.
In het kort
Uitleg
De AC/FC-ratio wordt niet gemeten maar berekend. Het laboratorium deelt het acylcarnitine (AC, het carnitine dat aan vetzuur- of aminozuurresten gebonden is) door het vrije carnitine (FC, het deel dat nog beschikbaar is). De gedachte erachter is dat er bij een stoornis in de vetzuurafbraak veel carnitine bezet raakt door opgehoopte vetzuurresten, terwijl het vrije deel daalt. De verhouding zet die twee waarden in één getal.
Uitslag
Een hoge verhouding betekent dat er relatief veel carnitine gebonden zit en weinig vrij is. Dat komt het vaakst door langer vasten, ziek zijn, zware inspanning of een koolhydraatarm of ketogeen eetpatroon: het lichaam verbrandt dan veel vet. Ook bepaalde medicijnen, zoals valproïnezuur, en nierdialyse verhogen de verhouding. Een hoge verhouding kan passen bij een stoornis in de vetzuurafbraak, maar het volledige acylcarnitineprofiel is daarvoor bepalend, niet dit ene getal.
Een lage verhouding betekent dat het grootste deel van het carnitine vrij beschikbaar is. Dat is de gewone situatie bij iemand die goed gegeten heeft. Een lage verhouding geeft geen klachten en heeft geen aparte betekenis. Ook bij een laag totaal carnitine kan de verhouding laag zijn; dan zegt het totale carnitine meer.
Een afwijkende verhouding leidt op zichzelf meestal niet tot apart vervolg. De huisarts kijkt naar de losse waarden, naar hoe lang iemand nuchter was, naar het eetpatroon, de nierfunctie en de medicijnen. Blijft er een onverklaarde afwijking met klachten van spieren, hart of een te laag bloedsuiker bij vasten, dan volgt verwijzing naar een internist of een gespecialiseerd centrum voor stofwisselingsziekten.
Betrouwbaarheid
De verhouding voegt weinig toe boven de losse waarden van vrij carnitine, totaal carnitine en het acylcarnitineprofiel. Voor de verhouding zelf zijn geen afgesproken grenswaarden of vaste betekenis. Omdat beide onderliggende waarden sterk afhangen van vasten, ziekte, voeding en nierfunctie, is een afwijkende verhouding bij iemand zonder klachten moeilijk te duiden. In de opsporing van stofwisselingsziekten, ook in de hielprik, wordt naar het patroon van losse acylcarnitines gekeken en niet naar deze verhouding.
Voor wie
De verhouding wordt vooral gerapporteerd als onderdeel van een breed stofwisselingspanel. Bij mensen zonder klachten zegt een afwijkende verhouding weinig. Wie de carnitinestatus wil laten beoordelen, heeft meer aan de losse waarden samen met het acylcarnitineprofiel en de omstandigheden van de afname.
Er zijn geen Nederlandse cijfers over hoe vaak een afwijkende AC/FC-verhouding voorkomt, omdat er geen bevolkingsonderzoek naar is gedaan. Aangeboren stoornissen in de vetzuurafbraak zijn zeldzaam: van MCADD worden gemiddeld 15 tot 20 kinderen per jaar geboren, en die worden via de hielprik gevonden.
RIVM, Pre- en neonatale screeningen (hielprik); geen Nederlands registratiecijfer voor de verhouding beschikbaar
Onderbouwing
Deze uitleg is gebaseerd op Nederlandse richtlijnen en onafhankelijke informatie. Het is algemene informatie en geen diagnose. Bespreek een afwijkende uitslag met je huisarts.
Meer over risico's en uitslagenMeer uitleg