
Bloedafname
Kattenkrabziekte (Bartonella henselae)
Bartonella‑antilichamen; bij kattenkrabziekte.
€ 89,00
Jouw privacy
Noodzakelijke cookies laten de website werken.
Met jouw toestemming gebruiken we aanvullende cookies voor:
Met 5 dienstverleners kunnen we bezochte pagina’s, interacties en apparaatgegevens delen.
Gehashte contactgegevens alleen met marketingtoestemming.
Je kunt dit later wijzigen via Cookievoorkeuren onderaan elke pagina.
Meer informatie staat in ons privacybeleid.
Infecties · Bloed
Antistoffen die kort na een besmetting met de kattenkrabbacterie ontstaan; ze verdwijnen snel en zijn vaak fout-positief.
In het kort
Bartonella henselae IgM (kattenkrabziekte)
Uitleg
Kattenkrabziekte wordt veroorzaakt door de bacterie Bartonella henselae, die via een krab, beet of speeksel van een kat binnenkomt. Deze test meet IgM-antistoffen: het type antistof dat het afweersysteem als eerste maakt. IgM komt in de eerste weken op en verdwijnt daarna meestal weer, terwijl IgG later komt en veel langer blijft. Daardoor kan IgM wijzen op een besmetting van kort geleden.
Uitslag
Een positieve IgM-uitslag kan passen bij een besmetting van enkele weken geleden. De uitslag is op zichzelf geen bewijs: IgM is gevoelig voor fout-positieve uitslagen en voor kruisreacties met antistoffen tegen andere bacteriën. De uitslag telt alleen mee als er klachten zijn die bij kattenkrabziekte passen, zoals een gezwollen, pijnlijke lymfeklier bij een krab of beet, soms met koorts en hoofdpijn.
Een negatieve IgM-uitslag sluit kattenkrabziekte niet uit. IgM is vaak alweer verdwenen op het moment dat de gezwollen lymfeklier opvalt, want die komt pas ongeveer twee weken na de krab of beet op en kan weken tot maanden blijven. Ook is IgM in de eerste dagen na de besmetting nog niet aantoonbaar. Bij een blijvend vermoeden is IgG of onderzoek in het ziekenhuis, zoals een PCR op materiaal uit de klier, zinvoller.
Bij een positieve uitslag en passende klachten beoordeelt de huisarts het beeld verder; een gezwollen lymfeklier gaat meestal vanzelf over, dus vaak volgt afwachten. Bij een ernstig beloop, een verminderde afweer of klachten van hart of oog volgt overleg met of verwijzing naar het ziekenhuis. Kattenkrabziekte is in Nederland niet meldingsplichtig.
Betrouwbaarheid
Voor deze antistoffen zijn geen afgesproken grenswaarden, en hoe goed een losse uitslag een infectie aantoont of uitsluit is beperkt onderzocht. IgM tegen Bartonella is kort aantoonbaar en weinig betrouwbaar: de test mist infecties waarbij het IgM al is gezakt en geeft ook positieve uitslagen bij mensen zonder de ziekte. Bij iemand zonder klachten en zonder contact met katten zegt een positieve uitslag vrijwel niets, omdat de kans op de ziekte dan al heel klein was. De diagnose kattenkrabziekte berust vooral op het klinische beeld.
Voor wie
Kan zinvol zijn bij een kortgeleden ontstane, gezwollen en pijnlijke lymfeklier na een krab of beet van een kat, en dan het liefst samen met IgG. Bij mensen met een verminderde afweer kan de infectie ernstiger verlopen en is onderzoek eerder nodig. Niet zinvol als algemene controle bij mensen zonder klachten, ook niet bij veel kattencontact, want de kans op een fout-positieve uitslag is dan groter dan de kans op een echte infectie.
Het RIVM schat dat in Nederland minstens 300 tot 1.000 mensen per jaar kattenkrabziekte krijgen, meer dan 2 per 100.000 inwoners per jaar. Het treft vooral kinderen en jongvolwassenen met een kat, en er worden meer gevallen in herfst en winter gezien. Bij ongeveer 1 op de 3 patiënten hoort er in de eerste dagen tot weken koorts, hoofdpijn en algemeen ziek zijn bij.
RIVM
Laten testen
Bartonella henselae IgM (kattenkrabziekte) zit in deze onderzoeken. Je bestelt online en laat het bloed afnemen op een priklocatie of neemt het monster thuis af.
Onderbouwing
Deze uitleg is gebaseerd op Nederlandse richtlijnen en onafhankelijke informatie. Het is algemene informatie en geen diagnose. Bespreek een afwijkende uitslag met je huisarts.
Meer over risico's en uitslagenMeer uitleg