
Urine
Neurotransmitters totaal
Deze urinetest meet 9 cruciale neurotransmitters en hun onderlinge verhoudingen bij klachten als stress en slaapproblemen.
€ 295,00
Jouw privacy
Noodzakelijke cookies laten de website werken.
Met jouw toestemming gebruiken we aanvullende cookies voor:
Met 5 dienstverleners kunnen we bezochte pagina’s, interacties en apparaatgegevens delen.
Gehashte contactgegevens alleen met marketingtoestemming.
Je kunt dit later wijzigen via Cookievoorkeuren onderaan elke pagina.
Meer informatie staat in ons privacybeleid.
Vitaminen, mineralen en aminozuren · Urine
Een zwavelhoudend aminozuur uit vlees, vis en energiedrankjes; de waarde in urine volgt vooral de inname.
In het kort
Taurine (urine)
Uitleg
Deze test meet taurine in de urine, meestal in verhouding tot kreatinine om te corrigeren voor hoe geconcentreerd de urine is. Taurine is een zwavelhoudend aminozuur dat geen bouwsteen van eiwitten is. Het lichaam maakt het uit cysteïne, en het zit in vlees, vis en veel energiedrankjes. Het speelt onder meer een rol in de aanmaak van galzouten. De nieren regelen de hoeveelheid in het lichaam door meer of minder taurine uit te scheiden. Normaal nemen de nieren de meeste aminozuren terug uit de voorurine, zodat er maar weinig in de urine komt.
Uitslag
Een verhoogde waarde komt meestal door recente inname van vlees, vis, energiedrankjes of supplementen met taurine; de nieren scheiden het overschot direct uit. Een verhoogde waarde geeft zelf geen klachten. Zelden past een verhoogde uitscheiding, samen met verhoogde andere aminozuren, bij een verminderde terugopname door de nieren.
Een lage waarde komt meestal door weinig vlees en vis in de voeding, bijvoorbeeld bij een vegetarisch of veganistisch eetpatroon; de nieren houden taurine dan vast. Een lage waarde betekent niet dat je taurine als supplement nodig hebt. Een lage waarde geeft zelf geen klachten.
Een licht afwijkende waarde bij iemand zonder klachten leidt meestal niet tot vervolgonderzoek; de huisarts kijkt naar voeding, supplementen, medicijnen en de omstandigheden van de afname, en laat zo nodig nuchter opnieuw meten. Bij sterk afwijkende waarden of een afwijkend patroon samen met passende klachten overlegt de huisarts met, of verwijst naar, een internist of kinderarts met ervaring in stofwisselingsziekten.
Betrouwbaarheid
Aminozuren worden in Nederland vooral gemeten in gespecialiseerde laboratoria voor stofwisselingsziekten, op aanvraag van een specialist bij een vermoeden van een aangeboren stofwisselingsziekte of om de behandeling en het dieet daarbij te volgen. Volgens de Amerikaanse laboratoriumstandaard (ACMG) is bloedplasma, bij voorkeur nuchter afgenomen, het aangewezen materiaal; urine is als eerste test minder betrouwbaar, omdat de nieren de meeste aminozuren terugnemen en medicijnen de meting kunnen verstoren. Als 'functioneel' profiel om tekorten op te sporen of supplementen op af te stemmen bij volwassenen zonder klachten is de bepaling niet gevalideerd.
Voor wie
In het ziekenhuis gebruikt een specialist deze bepaling bij een gericht vermoeden van een stofwisselingsstoornis, of om een bekende stofwisselingsziekte en het dieet daarbij te volgen. Voor volwassenen zonder klachten, om voedingstekorten op te sporen of om supplementen te kiezen, is de bepaling volgens de huidige kennis niet zinvol. Wie eiwitsupplementen of losse aminozuren gebruikt, krijgt een uitslag die vooral die inname laat zien.
Aangeboren stoornissen in de aminozuurstofwisseling zijn zeldzaam. Via de hielprik worden in Nederland per jaar gemiddeld ongeveer 12 kinderen met PKU (fenylketonurie) gevonden en ongeveer 1 kind met MSUD (ahornsiroopziekte) of tyrosinemie type 1. Over afwijkende aminozuurwaarden bij volwassenen zonder klachten zijn geen Nederlandse cijfers.
RIVM, hielprikscreening (pns.nl)
Laten testen
Taurine (urine) zit in deze onderzoeken. Je bestelt online en laat het bloed afnemen op een priklocatie of neemt het monster thuis af.
Onderbouwing
Deze uitleg is gebaseerd op Nederlandse richtlijnen en onafhankelijke informatie. Het is algemene informatie en geen diagnose. Bespreek een afwijkende uitslag met je huisarts.
Meer over risico's en uitslagenMeer uitleg