
Bloedafname
EBV (ziekte van Pfeiffer)
EBV‑serologie; recente of doorgemaakte infectie.
€ 78,00
Jouw privacy
Noodzakelijke cookies laten de website werken.
Met jouw toestemming gebruiken we aanvullende cookies voor:
Met 5 dienstverleners kunnen we bezochte pagina’s, interacties en apparaatgegevens delen.
Gehashte contactgegevens alleen met marketingtoestemming.
Je kunt dit later wijzigen via Cookievoorkeuren onderaan elke pagina.
Meer informatie staat in ons privacybeleid.
Infecties · Bloed
Antistoffen die kunnen wijzen op een recente infectie met het epstein-barrvirus, zoals bij de ziekte van Pfeiffer.
In het kort
EBV IgM antistoffen (VCA-IgM)
Uitleg
Bij een eerste infectie met het epstein-barrvirus (EBV) maakt het afweersysteem IgM-antistoffen tegen het omhulsel van het virus (viral capsid antigen, VCA). VCA-IgM is vooral in de eerste weken tot maanden van de infectie aanwezig en verdwijnt daarna. Daarom is het een aanwijzing voor een recente infectie, zoals bij een actieve ziekte van Pfeiffer. De uitslag wordt samen met VCA-IgG en EBNA-IgG beoordeeld.
Uitslag
Een positieve VCA-IgM past bij een recente infectie met het epstein-barrvirus, zeker als EBNA-IgG negatief is. Bij tieners en jongvolwassenen gaat dat vaak samen met keelontsteking, koorts, gezwollen en pijnlijke klieren en moeheid die 2 tot 3 maanden kan duren. IgM kan ook fout-positief zijn, bijvoorbeeld tijdens een infectie met een ander virus zoals CMV. Is EBNA-IgG al positief, dan gaat het waarschijnlijk niet om een nieuwe infectie en is de IgM-uitslag lastiger te duiden. Zelden geeft de ziekte complicaties, zoals een ontstoken lever of een scheur in een vergrote milt.
Een negatieve VCA-IgM maakt een recente infectie met het epstein-barrvirus onwaarschijnlijk. Klachten zoals keelpijn, koorts of moeheid hebben dan waarschijnlijk een andere oorzaak. Heel vroeg in de ziekte kan IgM nog net niet aantoonbaar zijn.
Bij een uitslag die bij een recente infectie past, gaat de ziekte meestal vanzelf over; de huisarts beoordeelt de klachten en let op zeldzame complicaties. Bij een onduidelijk patroon kan het laboratorium een bevestigingstest doen of wordt de test na enkele weken herhaald. De ziekte van Pfeiffer is niet meldingsplichtig.
Betrouwbaarheid
VCA-IgM dient volgens de bepalingenwijzer van het UMC Utrecht om een recente eerste infectie aan te tonen, altijd samen met VCA-IgG en EBNA-IgG. De combinatie geeft meestal een duidelijk beeld; een losse positieve IgM is minder betrouwbaar, omdat kruisreacties met andere virussen voorkomen. Een sneltest op zogenoemde heterofiele antistoffen is volgens het UMC Utrecht minder gevoelig en minder specifiek dan deze EBV-specifieke testen.
Voor wie
De uitslag zegt het meest bij klachten die passen bij de ziekte van Pfeiffer, zoals keelpijn, koorts, gezwollen klieren en uitgesproken moeheid, vooral bij tieners en jongvolwassenen. Bij mensen zonder klachten of bij langdurige moeheid zonder een recent ziektebeeld zegt een positieve uitslag weinig: een recente infectie is dan onwaarschijnlijk en een fout-positieve IgM komt voor.
Infectie met het epstein-barrvirus komt in Nederland heel vaak voor: de helft van de bevolking ouder dan 5 jaar heeft de infectie doorgemaakt, en de meeste volwassenen al voor hun twintigste, meestal zonder het te merken. Bij tieners en jongvolwassenen geeft de infectie vaker klachten, zoals keelontsteking, koorts, gezwollen klieren en moeheid die 2 tot 3 maanden kan aanhouden.
RIVM, Ziekte van Pfeiffer
Onderbouwing
Deze uitleg is gebaseerd op Nederlandse richtlijnen en onafhankelijke informatie. Het is algemene informatie en geen diagnose. Bespreek een afwijkende uitslag met je huisarts.
Meer over risico's en uitslagenMeer uitleg