
Bloedafname
Malaria (antigeen/serologie)
Malaria‑diagnostiek; antigeen of serologie.
€ 85,00
Jouw privacy
Noodzakelijke cookies laten de website werken.
Met jouw toestemming gebruiken we aanvullende cookies voor:
Met 5 dienstverleners kunnen we bezochte pagina’s, interacties en apparaatgegevens delen.
Gehashte contactgegevens alleen met marketingtoestemming.
Je kunt dit later wijzigen via Cookievoorkeuren onderaan elke pagina.
Meer informatie staat in ons privacybeleid.
Infecties · Bloed
Sneltest op een eiwit van Plasmodium falciparum, de malariaparasiet die de ernstigste vorm van de ziekte veroorzaakt.
In het kort
Plasmodium falciparum antigeen
Uitleg
Plasmodium falciparum is de malariaparasiet die de ernstigste vorm van de ziekte geeft en het grootste deel van de in Nederland gemelde gevallen veroorzaakt. De sneltest zoekt in een druppel bloed naar een eiwit (antigeen) dat deze soort maakt, meestal het eiwit HRP2. De test geeft snel een uitslag en hoort bij hetzelfde onderzoek als het microscopisch bekijken van een dikke druppel, dat volgens de LCI-richtlijn Malaria het standaardonderzoek is en ook laat zien hoeveel rode bloedcellen zijn aangetast.
Uitslag
Er is een eiwit van Plasmodium falciparum gevonden, wat past bij een actuele infectie. Deze vorm van malaria kan snel ernstig worden: zonder behandeling kunnen binnen enkele dagen ernstige bloedarmoede, nierproblemen, ademhalingsproblemen of verwardheid en bewusteloosheid ontstaan. De eerste klachten komen meestal vanaf 7 dagen na de muggensteek: koorts, koude rillingen, hoofdpijn, spierpijn en een grieperig gevoel. Het laboratorium bekijkt daarnaast een dikke druppel, omdat het aandeel aangetaste rode bloedcellen meeweegt bij de keuze van de behandeling. Het HRP2-eiwit kan na een geslaagde behandeling nog enkele weken aantoonbaar blijven.
Er is geen eiwit van Plasmodium falciparum gevonden. Dat sluit malaria niet uit. Volgens de LCI-richtlijn mist de sneltest afhankelijk van het gebied 10 tot 40 en soms tot 80 van de 100 gevallen van deze soort, onder meer doordat sommige stammen het HRP2-eiwit niet maken. Ook vroeg in de ziekte, bij weinig parasieten in het bloed, kan de test negatief zijn. Bij koorts na verblijf in een malariagebied blijft microscopisch onderzoek van een dikke druppel nodig, zo nodig herhaald.
Koorts tijdens of na verblijf in een gebied waar malaria voorkomt is een spoedsituatie en hoort nog dezelfde dag door een arts te worden beoordeeld; er wordt niet gewacht op de uitslag van een zelf aangevraagde test. Een negatieve sneltest sluit malaria niet uit: bij aanhoudende verdenking volgt microscopisch onderzoek van een dikke druppel, dat zo nodig na een tot twee dagen wordt herhaald. Bij een positieve uitslag start de arts zo snel mogelijk de behandeling en beoordeelt of opname nodig is. Malaria is meldingsplichtig (groep C): een vastgestelde infectie wordt binnen één werkdag aan de GGD gemeld.
Betrouwbaarheid
De sneltest is een snelle aanvulling op, en geen vervanging van, het microscopisch onderzoek van een dikke druppel; dat laatste is volgens de LCI-richtlijn Malaria het standaardonderzoek. Voor Plasmodium falciparum is de sneltest gevoeliger dan voor de andere soorten, maar de richtlijn noemt dat afhankelijk van de geografische herkomst 10 tot 40 procent en soms tot 80 procent van de gevallen wordt gemist. Een negatieve uitslag mag daarom niet worden gebruikt om malaria uit te sluiten. De test zegt ook niets over het aandeel aangetaste rode bloedcellen, terwijl dat bepalend is voor de ernst.
Voor wie
Bedoeld voor mensen met koorts of griepachtige klachten tijdens of kort na verblijf in een gebied waar malaria voorkomt, vooral in Afrika ten zuiden van de Sahara. Klachten door deze soort beginnen meestal vanaf 7 dagen na de muggensteek en komen bijna altijd binnen enkele maanden na terugkeer. Zonder verblijf in een malariagebied heeft de test geen betekenis.
Tussen 2014 en 2024 werden in Nederland jaarlijks 72 tot 343 gevallen van malaria gemeld; in 2023 waren dat er 249 en in 2024 217. Ongeveer 90 van de 100 meldingen betreft een besmetting in Afrika, vaak tijdens een bezoek aan familie of vrienden. Malaria wordt in Nederland zelf niet overgebracht. Plasmodium falciparum is daarbij de belangrijkste verwekker.
RIVM/LCI-richtlijn Malaria (meldingen 2014 tot 2024)
Onderbouwing
Deze uitleg is gebaseerd op Nederlandse richtlijnen en onafhankelijke informatie. Het is algemene informatie en geen diagnose. Bespreek een afwijkende uitslag met je huisarts.
Meer over risico's en uitslagenMeer uitleg